donderdag, mei 22, 2008

Deep in the South of Texas


Cowboy land hier in het zuiden van Texas. We zitten vlak bij het Big Bend park aan de grens met Mexico. Kalm en rustig zijn de mensen. En leeg is het land. Allemaal heel ontspannen en gemakkelijk. Vandaag een tochtje gemaakt hierin de buurt en 60 km niemand tegengekomen. Wel heel erg blank. Weinig donkere tinten. We hebben een paar dagen een loft, een kamer met een tuintje achter een hotel in Alpine.
Vanavond gegeten in het restaurant van het hotel. Het is hier heel gewoon om je hoed op te houden onder het eten. Het is een Duits restaurant (!) met een eigen brouwerij. Vanavond een steak gegeten met Duitse zuurkool en gebakken aardappels. De muziek werd verzorgd door een ouder echtpaar en een nog oudere supporter. Ze speelden de echte ouderwetse country muziek. Heel aandoenlijk.
Zo’n stadje bestaat uit een paar bijna lege straten, een oude bioscoop en een paar winkels. Raar genoeg zijn er 2 hele goeie boekhandels naast elkaar. Nog even een eerste druk van John le Carré op de kop getikt voor 6 dollar. Wat zullen die koffers zwaar worden als we naar huis gaan!
Er zijn prachtige muurschilderingen te zien, zowel in het hotel als buiten op straat. Ze eren ook hun helden die hier in de streek geboren zijn. De foto is een detail van een muurschildering om de hoek. Met daarop Dan Blocker, beter bekend als Hoss (de dikke) uit Bonanza.

zaterdag, mei 17, 2008

Blokhut en andere bewoning


We lassen even een rustdag in op een camping in Apache Junction. AJ is een voorstad van Phoenix. Hier is het een paradijs voor campers. Hier heten ze Recreational Vehicles (RV). Om ons heen zijn tientalle Trailerparken (voor stacaravans) en RV parken. Ook zien we wel meer dan duizend RV’s te koop. Hier blijven de mensen in hun RV’s in de winter wonen. Als het weer beter wordt, trekken ze erop uit. Ze hangen dan hun auto achter de 10 meter lange, naar 2 kanten uitschuifbare RV en trekken erop uit. Wij zitten tussen al die RV’s in een geheel houten blokhut. Een soort stevig gebouwde trekkershut. Geheel van hout, zelfs de scharnieren van de deur zijn van hout. Het is voorjaar en de cactussen en struiken bloeien.
Hierheen kwamen we door grote reservaten van Apache indianen. En daar zien we de keerzijde van de Amerikaanse samenleving. In de prachtige natuurgebieden kom je dan plekken waar indianen wonen tegen. Lelijke stukke woonwagens, met een hoop rommel erom heen. Een trieste aanblik. Ook veel kruisjes langs de weg om aan te geven dat er iemand zich heeft doodgereden. Alcohol is in dit soort reservaten een groot probleem.

Petrified Forest/ Painted Desert


Ons vierde nationale park in dik een week. Weer zeer mooi en onwerelds landschap. De heuvels zijn rood en blauw gekleurd. Weer zien we Greet overal rondlopen en fotograferen. Er liggen versteende stukken boom. Die zijn loodzwaar en niet te tillen als we dat proberen. De lucht in het park is zo helder dat je bovenop de bergen wel 100 kilometer ver kan kijken.
Ooit hebben in dit rare landschap toen er nog water door de rivieren liep mensen gewoond. Ze hebben heel leuke grafiti achtergelaten.
’s Avonds zijn we doodop. We zijn op een stuk op 25 plaatsen met de auto gestopt, om vervolgens een stuk(je) bergop of af te lopen naar een mooi uitzicht.

Krater


Als ze zo door een land rijdt kom je van alles tegen. Ook zaken waar we van te voren niets van wisten. Vandaag was dat Meteor Crater. 50000 jaar geleden is hier een meteoriet van 50 meter in doorsnede ingeslagen. De krater is merkwaardig goed bewaard gebleven. Een gat in de aarde van 1.3 kilometer. Een ronde lege badkuip. De diepte en grootte is heel moeilijk te schatten als je erin kijkt. Ir Barringer werd in 1903 eigenaar van de krater en heeft vervolgens 26 jaar gaten geboord op zoek naar de meteoriet. Beetje zielig want die meteoriet was veel kleiner dan hij dacht en bij de inslag ook nog voor een behoorlijk deel verbrand. Niet zo zielig voor zijn kleinkinderen en achter kleinkinderen. Als je nu een kijkje in krater wil nemen, dan moet je 15 dollar betalen aan de Meteor Crater Enterprises, INC. Kassa voor de familie Barringer. Geheel objectief is deze priveonderneming niet. In het museum wordt Ir Barringer niet als een zonderlinge zielepiet beschreven die jaren lang een niet bestaande droom heeft nagejaagd. Nee, hij wordt beschreven als een pionier in de Meteorietkunde.

Grand Canyon in de sneeuw


In Death Valley was het meer dan 40 graden. En dat in het voorjaar. Een dag later op weg naar de Grand Canyon was het geen korte broeken weer meer. Er bleek zeker 10 centimeter sneeuw te zijn gevallen. Opeens was het nog maar enkele graden boven nul en reden we door een landschap wat verdacht veel op Oostenrijk leek.
Mooi was het wel de Grand Canyon en kennelijk niet eens zo druk, we konden langs alle uitzichtpunten met de auto. Mooi uitzicht maar helaas hing de bewolking nogal laag. Haarscherpe foto’s van de diepte hebben we dan ook niet kunnen maken.
In het Noorden is het een stuk slechter weer en ook behoorlijk koud. Vandaar dat we besluiten om wat meer naar het Zuiden te gaan.

dinsdag, mei 13, 2008

Death Valley


Een belevenis Death Valley. Zelfs de meest verwende reiziger staat hier met open mond van verbazing naar het landschap te kijken. Vreemdsoortige bergen, niet te beschrijven kleuren, kunst maar dan niet door de mens gemaakt.
We hadden het gevoel dat we in een foto van Greet (de moeder van Leonie) verzeild waren geraakt. Greet heeft heel mooie foto's van Death Valley gemaakt. Haar latere abstracte foto's lijken daarvan een voortzetting te zijn.
Death Valley is de laagste plek van Amerika, 80 meter onder nap, de warmste plek en ook nog de droogste. We sliepen een paar dagen in de Furnace Ranch midden in het park. Daar konden we vreemd genoeg in een 25 meter bad zwemmen. Het water kwam uit een warme bron, temperatuur 28 graden wat volgens Leonie erg verfrissend is. 's Middags was het heeeet buiten, met een droge hete wind. En dat voor mei. In de zomer liggen de temperaturen nog eens 10 graden hoger.
Bizarre plek.

zaterdag, mei 10, 2008

De parken


Gisteren een fietstocht gemaakt in het Yosemite National Park. Wat een spektakel is de natuur hier! We waren er op het goede moment. Heel mooi weer, door de week en nog in het voorjaar. Hier en daar lag wat sneeuw. Het was druk maar kennelijk is dat niets vergeleken bij de zomermaanden en in de weekenden. Prachtige rotsen, watervallen en rivieren. De watervallen komen van zo hoog naar beneden vallen dat er onder in een mist staat. Onder een boom van een paar duizend jaar oud door gelopen.

De enige hotelkamer in het park die we nog konden krijgen was in het Wawona hotel, een statig houten hotel uit de 19e eeuw. We hadden een kamer bovenin een houten chalet. Geen telefoon, of TV op de kamer. Voor de WC en douche moesten we een trap af en naar buiten.

Helaas geen enkele beer gezien. Wel veel andere beesten en natuurlijk de overweldigende natuur.

Nu zijn we op weg naar Death Valley. Het schijnt daar al heet te zijn. Onderweg verblijven we in een motel in Rigderest. Een plaats midden in een heel saaie woestijn. Je zou je ergste vijanden hier nog niet met pensioen sturen.

Eric Taylor in Felton Californie


We rijden nu rond in een enorme SUV. Beetje mazzel zullen we maar zeggen. We wilden onze net aangeschafte fietsen achterop de auto meenemen. Toen we bij de verhuurder de auto afhaalden bleek dat ze alleen nog een auto met een spoiler achterop hadden. En laat daar nou net een steun voor de fietsen moeilijk op te monteren zijn. Na wat heen en weer gepraat met de baas van het verhuurbedrijf kregen we na een kleine bijbetaling een full size SUV mee. De fietsen zet je daar gewoon achterin. Er in slapen zou ook kunnen. Vijf lifters meenemen ook.

Met de auto eerst een stuk naar het zuiden langs de kust gereden. Toevallig bleek Eric Taylor in Felton op te treden. En dat lag zo ongeveer op onze route.

Leuk om Eric te zien. We zoenen nu bij de ontmoeting. Eric was heel tevreden want hij had net een mooi uitverkocht optreden gehad in een plaats verderop. In Felton trad hij op dinsdag na een voorprogramma op voor pakweg 25 man. In een Mexicaans eethuis, de Don Quichote’s. Hij was heel praatgraag en maakte veel cynische opmerkingen over de politiek. Na afloop nog een felle discussie op straat over Clinton. We zien hem over 3 weken weer in Texas.

Terug naar San Francisco


Gisteren was onze laatste fietsdag. Een stukje gefietst, daarna een boottocht over de Bay naar San Francisco. Vervolgens door de stad naar het hotel. Onderweg nog een stukje op de vluchtstrook van een 8 baans snelweg gereden. Tjonge was is Amerika toch een autoland. Soms bleek het de laatste week nauwelijks mogelijk om op de fiets van de ene naar de andere plaats te komen. We hebben enorme stukken omgereden en toch nog kilometers op de snelweg moeten nemen. Ze fietsen hier wel, maar gaan eerst met de auto ergens heen om dan vervolgens te gaan fietsen.

Californie is enorm rijk. Het is de achtste economie van de wereld. De Bay Array is de streek met het hoogste gemiddeld inkomen van heel Californie. Nog nooit zoveel sportauto’s en antieke auto’s zien rijden op de zondag. In San Rafael zagen we onderweg in de industriewijk honderden kleine Mexicaanse mannetjes langs de weg staan wachten op werk. Op zondag zagen we tientallen Mexicanen in de wijngaarden werken. In wijngaarden waarvan de wijnen evenveel kosten als een grand cru uit de Bordeaux (en beter smaken trouwens).

Er wordt hier door een grote middenklasse heel goed verdiend. Maar er is ook een grote groep die niks of helemaal niets verdiend. Illegalen mogen geen gebruik maken van de gezondheidszorg voorzieningen. Er zijn misschien wel een half miljoen daklozen in Californie. Overal in de stad zie je daklozen rondscharrelen,en op staat liggen. Elk hotel, restaurant heeft hier zijn eigen zwervers voor de deur zitten.

Vlak bij het Jack London museum ontmoeten we een ouder echtpaar. Hij met een rollator en zij met een stok. Zij bleek ook een fan van London te zijn. Toen we vertelden dat we uit Nederland kwamen was zijn eerste opmerking: “you have a very good health system”. Over de zwervers op straat zei zij: “it is a disgrace”. Helaas zijn er te weinig Amerikanen die dat ook vinden.

vrijdag, mei 02, 2008

Jack London

I would rather be ashes than dust!
I would rather that my spark should burn out in a brilliant blaze than it should be stifled by dry-rot.
I would rather be a superb meteor, every atom of me in magnificent glow, than a sleepy and permanent planet.
The function of man is to live, not to exist.
I shall not waste my days trying to prolong them.
I shall use my time.

We zitten in Glen Ellen in de Sonoma Valley in de Jack London Lodge. Een stil motel met enorme kamers en een lekker bubbelbad. Boven op een berg is het Jack London State Park. In het park is een museum in het huis dat de vrouw van Jack London heeft gebouwd. Het graf van Jack London en zijn vrouw Germain is een eenvoudige met mos begroeide steen in het bos. De steen is afkomstig van de ruïne van het fameuze Wolf house dat London al laten bouwen en dat een paar dagen voor de opening op geheimzinnige wijze is afgebrand. De ruïne is groots, spookachtig en ligt prachtig in het bos.

Jack London is de schrijver van avonturen verhalen (Call of the Wild, White Fang) en van sociaal bewogen boeken (The people of the Abyss) en natuurlijk van spannende reisverhalen (The cruise of the Snark, the Road). Hij schreef niet alleen over avonturen, hij was zelf heel vaak op reis. Een voorbeeld van een mooi verhaal is: to build a fire. Huiveringwekkend.

London is slechts 40 jaar oud geworden. Toch heeft hij een enorm oeuvre nagelaten. Ik ben bijna 50 jaar geleden begonnen met het lezen van de boeken van London. Zo’n dertig jaar geleden heb ik een paar biografieën over London gelezen. Die eindigden allemaal met de tragische zelfmoord van Jack London. Ik kan me nog herinneren dat ik daar behoorlijk boos over was. Zo’n vitalist en zoveel schrijven en dan zo jong een eind aan je leven maken.

Pas sinds een paar jaar begrijp ik dat hij helemaal geen zelfmoord heeft gepleegd, maar is dood gegaan aan een nierfalen. Dat staat ook gewoon op zijn overlijdensakte. Kennelijk hebben de biografen (waaronder Irving Stone) de afloop van een paar verhalen van London voor werkelijkheid aangezien.

woensdag, april 30, 2008

De Bridge over naar het Noorden


We fietsen de laatste 3 dagen naar het Noorden. Eerst de prachtige Golden Gate Bridge over. We zijn daar niet de enigen op de zondag. Tjonge wat een mensen fietsen en wandelen over de brug!
Naar het Noorden fietsen is in het westen van de VS eigenlijk heel onverstandig, want de wind is bijna altijd uit het Noordwesten. Daar hadden we vandaag behoorlijk last van toen we langs Tomales Bay fietsten. Harde wind tegen en heuvel op en af. Volgens Leonie moesten we tegen een tornado optornen.
Maar ach was is het soms mooi. Tot 2 keer toe herten zien lopen. De hele dag cirkelen er gieren
boven ons hoofd. Soms naderen ze tot op enkele meters. Of dat een slecht teken is voor ons dat weten we nog niet. Mooi hier. Heel veel natuur. En natuur is hier wel wat meer dan: "Een heuvel met wat villaatjes ertegen". De natuur is hier te zo te zien vaak de baas. Hier heb je nog plekken waar niet alleen je telefoon het niet doet, maar waar ook gewone radio en tv nauwelijks te ontvangen zijn.
Een van de leuke dingen van zo rondreizen is dat je niet weet waar je zal terechtkomen 's avonds. De eerste dag vroegen we in een ecologisch eethuis of ze een leuk hotel wisten in de buurt. En zo kwamen we na een tocht over een bergje in een B&B terecht waar we de laatste kamer konden krijgen met korting. Nou kamer, 3 kamers eigenlijk waarvan eentje een zitkamer met breedbeeld TV en 90 kanalen. Heerlijk gegeten in het restaurant. Tortillasoep en gefrituurde artisjokkenharten met een flesje wijn uit de streek.
Nu zitten we in een Motel 8. Een heel goedkope keten, maar wel met ligbad en wifi.
We gaan nu verder richting Winecountry.

zaterdag, april 26, 2008

Fietsen


2 fietsen gekocht. Er uren mee bezig geweest. Enorm heen en weer gelopen tussen verschillende fietsenmakers. Uiteindelijk 2 prima fietsen op de kop getikt. Een Gary Fisher en een Trek. En dat voor een prijs waar je in Amsterdam geen wrak kan kopen. Wel met de goedkoopste onderdelen.

SF is wel erg heuvelig. En soms zijn met de fiets die hoogtes niet te vermijden. Ons hotel staat in (zeg maar op) Nob Hill. De conditie van ons is wel aangetast de laatste weken, dat was te merken. In dit hotel met honderden kamers is geen plekje om de fietsen te stallen. Ze mochten wel zo mee naar boven in de lift en staan nu op de hotelkamer. Handig.

Het plan is zondag naar het Noorden richting Wine Country te fietsen. Kijken hoe het gaat en hoe de conditie is. Over een paar weken kunnen we onze we huurauto ophalen. Het idee is de fietsen dan achterop mee te nemen.

Onder het eten (gnossi en verse tortelini) zagen we honderden fietsers voorbijkomen. De maandelijkse tocht op vrijdag hier in SF. Echt fanatieke fietsers is. Zie bijvoorbeeld de SFBC. Een meisje had een T-shirt aan met voorop “go cycling” en achterop: “Cars are for gay!”. Een mooi dubbele boodschap hier in SF.

San Francisco


Leuke stad, aardige mensen. Overal gezellige gesprekken. We doen hier wat duizenden andere toeristen ook doen. Cable tram, Ferry Building en Fishermans Wharf. In de Ferry Building liepen we rond als een kinderen in een snoepwinkel. Sur la table een kookspullenwinkel waar Duikelman een ouderwetse winkel bij lijkt. Winkels gespecialiseerd in uiteenlopende producten, olijfolie of paddestoelen. Allemaal heel lekker en zeer gezond geteeld. Californie heeft een voedselcultuur waar ik me wel thuis voel. Allerlei kookwijzen worden met elkaar gemengd. Een verademing na de fish en chips, en rijst met een prutje op Samoa. Wel moet ik aan de porties wennen. De hoeveelheden zijn enorm. Neem ik hier een voorgerecht dan blijk ik daarna al meer dan genoeg gegeten te hebben. Neem je alleen een hoofdgerecht dan krijg je er soep en sla bij. Zo zullen de kilo’s die er op de eilanden van af zijn gegaan er snel weer bijkomen.

I smell fish


We zijn nu een paar dagen in SF. We zitten in een kamer 21 hoog en zien in de verte de Bay. Enorme televisie en wifi de hele dag. De reis over de oceaan was “a little bumpy”. Ze bedoelen dan in zo’n vliegtuig dat je uren zit te schudden en te trillen. Weinig geslapen alletwee. Aangekomen in San Francisco bleken onze koffers nog een souvenir uit Samoa te hebben gekregen. De hele reis had een groot pakket vis bovenop onze tas en koffer gelegen. Gevolg is dat een tas doordrenkt is en niet om aan te pakken is. Een nieuwe tas gekregen van een douane mevrouw. In het hotel bleek een koffer ook lekkage te hebben. Alsnog een schade ingediend. Een halve koffer kleren naar de laundry gebracht. Het ruikt nu weer heerlijk fris.

dinsdag, april 22, 2008

Aggie Grey's



Onze laatste dagen op Samoa brengen we door in het Aggie Grey hotel in Apia. Een groot hotel met ouderwetse grandeur en geschiedenis. Het bekendste hotel van de stille Oceaan. Aggie Grey is begonnen als hamburger restaurant voor Amerikaanse militairen aan het eind van de tweede wereld oorlog. We hebben mazzel en krijgen een gratis upgrade. Die upgrade blijkt een huis in de prachtige tuin te zijn. Meer dan 50 meter luxe, gebeeldhouwde balken, een dakconstructie om de hele avond vanaf bed naar te liggen kijken. Leonie is helemaal gelukkig, er blijkt ook een strijkplank aanwezig. Roomservice 24 uur per dag.
Het publiek in het hotel is nogal gemixt. Er zijn niet alleen de ouderwets soort reizigers die bij zo’n hotel passen, maar ook meer chartervlucht reizigers. Tijdens het avondeten zijn de verschillen tussen de gasten het duidelijkst. Het avondeten wordt geserveerd in een enorme Fale (hut) met meer dan honderd tafels, een orkestje speelt Muzak Hawaï muziek. Tientallen mensen in de bediening. Aan een tafel zit een gezin met de ellebogen op tafel gezamenlijk een bord spaghetti naar binnen te werken. Naast hun zit een keurige koloniaal ogende oudere meneer geheel tevreden in zijn eentje een fles dure Bordeaux te drinken. Bij het buffet spreken we een wat breekbaar ogende Deense meneer, die in Wenen blijkt te wonen. Hij wil weten wat dat voor toetje is dat er staat. Er staat een enorme Pavlova. Een eiwit toetje en naast de kiwi de enige bijdrage van Nieuw Zeeland aan de culinaire traditie van de wereld. De Deense meneer vertelt dat hij en zijn vrouw die middag bij het staatshoofd hebben gelunched. Doordat ze op reis zijn, moesten ze helaas de invitatie van de Nederlandse ambassade in Wenen voor de viering van Koninginnedag afzeggen. Jammer want Beatrix was toch net 70 geworden. Voordat hij kan vertellen dat hij daar ook net mee aan tafel heeft gezeten, wordt hij door zijn vrouw mee getroond naar hun tafeltje. Zij zijn de enigen die beleefd applaudisseren voor het orkestje.
Vanaf hier vliegen we via Los Angeles naar San Francisco. Naar LA is het een vlucht van bijna 10 uur alleen maar over water.

zaterdag, april 19, 2008

Even niet


Als je op reis bent is de kans dat er iets fout loopt altijd aanwezig. Je vermeld dat natuurlijk niet of op slechts in besmuikte termen aan het thuisfront. We hebben ons een paar dagen teruggetrokken in een hotelkamer in Apia. De hotelkamer prefereerden we even boven een hutje aan zee. Niet alleen omdat de kamer schoon is, er geen krabben en kakkerlaken door de kamer lopen, er een airco is, maar vooral omdat we een over een eigen toilet konden beschikken. En dat was wel even nodig gezien de darminfectie die we hadden opgelopen. Gelukkig slikken we nu wat medicijnen (paardemiddelen) zodat we volgend de dokter morgenavond weer alles mogen eten wat we willen.

Het fototje is van een varkentje dat met laag water in zee naar krabben op zoek is.


Staphorst in Zee


Met een autootje kom je overal op zo’n eiland. Als je rondrijdt dan is elk tiende huis ongeveer een kerk. Die kerk ziet er veel mooier en steviger uit dan de huizen en hutten er om heen. Als hier een orkaan voorbijkomt zou ik ook mijn heil in de kerk zoeken.

De huizen waar de mensen wonen, bestaan vaak niet meer dan uit een paar palen met een dak erop. De wind waait er volledig doorheen. Velen hebben helemaal niets aan bezittingen, een paar kleren een matras en dan houdt het wel op.
De missionarissen hebben hier hun werk wel heel goed gedaan. Liepen vrouwen begin vorige eeuw nog vaak alleen in een rok, nu gaat iedereen decent gekleed. Vrouwen gaan ook bijna volledig gekleed de zee in. Zelden zijn we in zo’n preuts land op bezoek geweest. Op Tonga heb ik een groepje dikke heren nog veel lol zien hebben. Wat ze zeiden kon ik niet verstaan behalve een woord dat om de zin werd genoemd: Viagra. Zoiets zal je hier niet zien.
Zelden ook een land gezien waar de kerk zo prominent aanwezig is. Zondags trekken de mensen naar de kerk. Soms volledig in het wit gekleed. Je zit dan na afloop van de kerkdienst een enorme wolk wit over straat lopen. Lopen want auto rijden is natuurlijk verboden. Zondags mag je hier helemaal niks. Het is net Staphorst.
Gelukkig zwaaien ze hier wel allemaal naar je als je als toerist langs de kerk rijdt.

zondag, april 13, 2008

The art of doing nothing


We zijn met huurautotje naar de zuidkant van het eiland gereden. Uiteindelijk via een onbegaanbaar ogend bospad bij de Virgin Cove Resort gearriveerd. Er zijn hier een stuk of 14 gasten. De zaak wordt gerund door enkele families met aanhang.
We slapen in een Fale, een open hut op palen aan zee. Een Fale wordt tegen regen en wind beschermd door gevlochten schermen van bladeren van de kokosnootpalm. Die schermen kan je omhooghalen en laten zakken. We hebben een hele luxe, met balkon, een enorm bed op poten, en zelfs een stopcontact. We zitten direct aan zee, bij vloed komt het water tot bij onze Fale. Om ons heen is mangrove bos. Overal lopen krabben rond die soms enorme holen graven. In het donker moeten we oppassen niet in een krabbehol te stappen.
Morgen gaan we naar een andere plek aan de zuidkust. Hier in dit paradijsje komen we over een paar dagen nog terug.
De zee is heel kalm. In de verte zie je en hoor je huizenhoge golven stukslaan op het rif. Leonie kan hier haar baantjes trekken. Het is lekker zand met af en toe een stukje mooie koraal. Als je stilstaat in het water komen de vissen nieuwsgierig rond je benen zwemmen.
Op de een of andere manier gaat de dag hier ongemerkt voorbij. Als de muggen er niet waren (en we hier fietsen konden huren) dan was dit het paradijs.

Mount Vaea


Here he lies where he longed to be;
Home is the sailor, home from the sea;

Het is een stevige klim naar de top van Mount Vaea. Bovenop ligt RL Stevenson begraven. Heen blijken we de lange veel moeilijker route te hebben genomen. Bovenop is gemaaid grasveldje en een flink graf. Er is een mooi uitzicht. Ik heb op verschillende plekken gelezen dat dit de lievelingsplek van Stevenson was. Ik vraag me echter wel af of een lijder aan TBC die er op de foto’s heel fragiel uitziet de klim heeft kunnen maken. Leonie geeft denk ik het goede antwoord: “het zal wel een wens van hem geweest zijn om hier ooit eens op te klimmen”. Dat betekent dat Stevenson begraven is op plek waar hij nooit geweest is. Dat maakt de plek nog aantrekkelijker.
Zijn vrouw Fanny ligt naast hem begraven. Althans haar as. Ze was 10 jaar ouder dan hem, nog een getrouwde vrouw met kind toen ze elkaar leerden kennen. Toch heeft ze hem nog 20 jaar overleefd. Aan haar kant van het graf staat een tekst van Stevenson voor haar:
Teacher, tender comrade, wife,
A fellow farer, true through life,
Heart whole and soul free,
The august father gave to me.
Tijdens de stijle afdaling komen we 2 mannen tegen met een koffer, een kapmes en een enorme gitaarkoffer. Ze zijn op weg om ergens in de Jungle een paar dagen in retraite te gaan. Ze vragen na een paar zinnen of we in God geloven. Nog nooit in een zo godsvruchtig land geweest. Want dit is niet de eerste ontmoeting die zo verliep.

donderdag, april 10, 2008

Samoa


Dinsdagavond vliegen we van Tonga naar Samoa. Het is niet zover, pakweg 900 kilometer. Anderhalf uur na vertrek landen we op maandagavond op Samoa. Omdat we de datumgrens zijn gepasseerd hebben we een hele dag gewonnen. In plaats van 11 uur eerder is het nu 13 uur later in Nederland. Zo nog een dag extra op reis!
We zijn meteen gecharmeerd van Samoa. Het vliegtuig rijdt tot 10 meter van het leuke gebouwtje met “international arrivals” erop. Alles ziet er fris en opgeknapt uit.
Tonga is een derde wereldland, Samoa kan je dat bijna niet meer noemen. Tot onze verbazing blijken alle auto’s lichten te hebben en is er overal straatverlichting.
We verblijven een paar dagen vlak bij de hoofdstad Apia in de Princess Tui Inn. Een door zeker 7 vrouwen gerund guesthouse. We hebben een kamertje zonder stoelen en tafel, maar wel met aircotje en prachtig uitzicht op zee. Heerlijk koel slapen! Er is een koude douche voor 4 kamers.
Fietsen blijken hier absoluut niet te huur. Dat wist ik al uit mail wisseling met het toeristenburo hier. Maar ja geloven deed ik het niet. Er gaan geruchten dat er een resort is dat fietsen verhuurd, maar niemand weet welke dat is. Morgen krijgen we een piepklein autootje en gaan we de eilanden rond.
Gisteren hebben we iets heel fouts gedaan en zijn ‘s middags bij de Macdonalds gaan eten. Er zaten alleen Somoanen (Samoarianen, Samoaisten?) te eten. Daarna goede koffie gehaald bij een Australies eethuis, daar bleken de witte mensen te zitten. Leonie nam een muffin bij de koffie. Het leuke meisje dat bediende vroeg of ik op dieet was omdat ik niks wilde eten. Gezellige mensen hier.
De mannen dragen hier merendeels een wikkelrok. Je ziet vaker een vrouw met een modieuse broek dan een man. Ook voor school dragen de jongens een verplichte rok. Ik zou er ook wel een aan willen, maar buiten dit land loop je er voor aap mee. We zijn er erover eens dat het wel iets voor zwager Ben is.